Provinciebestuur verscherpt klimaatambities met vernieuwd klimaatactieplan 2021-2025

Het provinciebestuur heeft een vernieuwd klimaatactieplan klaar. In het klimaatactieplan 2021 – 2025 drijft het provinciebestuur het aantal klimaatacties op en stelt de ambitie op scherp. Oost-Vlaanderen versnelt het tempo en ijvert voor klimaatneutraliteit tegen 2040. In het oorspronkelijk klimaatactieplan, dat voor het eerst in 2015 werd opgesteld, lag de horizon nog op 2050.

“Met dit vernieuwd klimaatactieplan nemen we als Provincie onze verantwoordelijkheid voor onze planeet, onze kinderen en onze kleinkinderen. Met de tientallen nieuwe acties in ons ambitieuze plan zetten we de komende jaren alles op alles om hen een toekomst te geven. Dat zijn we aan onszelf verplicht.”

gedeputeerde Riet Gillis, bevoegd voor Klimaat

Vijf actieve speerpunten voor een klimaatneutraal Oost-Vlaanderen

Het klimaatactieplan 2021 – 2025 stippelt  de weg uit om de netto-CO2-uitstoot tot nul te reduceren tegen 2040. Tegelijk worden maatregelen genomen om de negatieve effecten van de klimaatverandering, zoals overstromingen, droogte, erosie en verlies aan biodiversiteit, maximaal te temperen. Het plan geeft een antwoord op deze uitdagingen en geeft de richting aan in vijf verschillende speerpunten:

  • Naar een zelfvoorzienende provincie dankzij duurzame energie
  • Naar een (klimaat)gezonde en aangename woonomgeving
  • Naar een klimaatbestendig landschap
  • Naar een slimme mobiliteit met de fiets in de hoofdrol
  • Naar een toekomstgerichte, circulaire economie en duurzame landbouw

Het plan zet in op eigen provinciale projecten en activiteiten, zoals bijvoorbeeld meer provinciaal bos of natuurgebied. Tegelijk richt de Provincie zich met dit klimaatactieplan ook naar lokale besturen, bedrijven, organisaties, burgers en een brede waaier aan belanghebbenden. Inhoudelijk zijn de acties opgenomen in het  klimaatactieplan zeer gevarieerd: van het aanleveren van expertise, over financiële, praktische of technische ondersteuning, tot trajectbegeleiding of het creëren van draagvlak en sensibilisering.

Groenblauwe netwerken

Oost-Vlaanderen is verstedelijkt en de natuur versnipperd. Met de uitvoering van het klimaatactieplan zal Oost-Vlaanderen de komende decennia sterk veranderen. Door het landschap slim in te richten, verminderen ook de meest extreme effecten van de klimaatverandering. De Provincie zal daarom blijven inzetten op natuurverbinding via groenblauwe netwerken. Via een fijnmazig netwerk van verbindende landschapselementen zoals beken en waterlopen, bomenrijen, houtkanten, dreven kan connectie gemaakt worden met grotere complexen zoals bossen, natte natuur, vallei- en moerasgebieden. Groenblauwe netwerken zijn cruciaal om de biodiversiteitscrisis het hoofd te bieden en verhogen de klimaatrobuustheid van onze provincie

Financiering

Voor de uitvoering van het klimaatactieplan 2021-2025 doet het provinciebestuur een beroep op eigen middelen, zowel via de meerjarenplanning als via projecten uit het provinciaal Klimaatfonds. Er wordt intense samengewerkt met lokale besturen, organisaties en andere partners die op klimaatbudgetten uit de Green Deal en Blue Deal programma’s van Vlaanderen en Europa een beroep kunnen doen. Voorts blijft het provinciebestuur ook inzetten op Europese projecten en middelen via subsidiekanalen als EFRO, Interreg, ESF.

 

Download hier het klimaatactieplan 

Project Florient onthult: 40% van de plantenrijkdom verdwenen

Rondreizende tentoonstelling en zoektocht ‘Florient Express: twee eeuwen Oost-Vlaamse flora’

Op zaterdag 3 april 2021 start in provinciaal domein Het Leen in Eeklo de rondreizende tentoonstelling ‘Florient Express: twee eeuwen Oost-Vlaamse flora’ en de gelijknamige zoektocht voor gezinnen.

De tentoonstelling en de zoektocht maken deel uit van het project ‘Florient’, een samenwerking tussen UGent en Provincie Oost-Vlaanderen. Dit project laat het publiek kennismaken met een bron die uniek is in Vlaanderen: een herbarium dat dit jaar zijn 200ste verjaardag viert.

Naast de expo en het kinderaanbod is er ook een databank, een wandeling langs de bedreigde planten en een publicatie.

“Florient is een van onze projecten op het kruispunt van erfgoed en natuur, waar we deze beleidsperiode stevig op inzetten. We vertrekken van een historische bron: een 200 jaar oud herbarium. Die leert ons dat er al veel plantenrijkdom verloren ging. Lessen trekken uit het verleden is heel belangrijk nu de klimaatverandering zich al laat voelen. Via onze provinciale diensten en domeinen helpen we UGent om een breder publiek te bereiken.”

gedeputeerde An Vervliet, bevoegd voor Erfgoed

Unieke bron in Vlaanderen

200 jaar geleden was er in Oost-Vlaanderen een wedstrijd om zoveel mogelijk wilde plantensoorten te zoeken en te noteren waar ze groeiden. Met 1 505 gedroogde planten, vastgemaakt op papier, kwam Charles Van Hoorebeke als winnaar uit de bus.

Gelukkig is dit werk bewaard in de Plantentuin van UGent. Het is immers een uniek tijdsdocument van wat hier twee eeuwen geleden groeide.

De studie van dit herbarium wijst uit dat 40% van deze plantensoorten ondertussen al verdwenen of sterk bedreigd is. Het gaat dan bijvoorbeeld om de kievitsbloem in de Leiestreek, zevenster in de Vlaamse Ardennen, vlottende waterranonkel in het Waasland, echte heemst in het Meetjesland en parnassia in de Denderstreek.

Een breder publiek

Het herbarium van Van Hoorebeke is een bron die uniek is in Vlaanderen. De vaststelling dat zoveel soorten intussen uit de provincie verdwenen zijn, is ronduit frappant. Daarom sloegen UGent en Provincie Oost-Vlaanderen de handen in elkaar. Met de expertise en het bereik van de dienst Erfgoed, provinciale recreatiedomeinen en natuureducatieve centra van het provinciebestuur ontstond er een publiekswerking op meerdere sporen.

Rondreizende tentoonstelling Florient Express

De rondreizende tentoonstelling toont welke processen ervoor zorgden dat de planten ondertussen verdwenen of bedreigd zijn. De expo start op zaterdag 3 april in domein Het Leen in Eeklo. Half mei verhuist ze naar domein Puyenbroeck in Wachtebeke. Vanaf 4 mei staat de expo ook een weekje in de Plantentuin in Gent, naar aanleiding van de Groene Zesdaagse van de Floraliën. In juli is domein De Gavers (Geraardsbergen) aan de beurt en in augustus domein De Ster (Sint-Niklaas). Daarna volgt nog een stop in domein Nieuwdonk (Berlare).

Zoektocht voor gezinnen

Op elke locatie waar de tentoonstelling start, kan je aan de balie een zoekboekje afhalen waarmee je met kinderen van circa 6-12 jaar op pad kunt om de bedreigde planten op te sporen. Voor deze paasvakantie is Het Leen dus een prima tip voor een uitstap in je gezinsbubbel.

Databank

Alle wilde inheemse plantensoorten uit het herbarium werden ingevoerd in een databank. Deze lijst is aangevuld met informatie over de vindplaats en de oude naam, en uitleg over de culinaire, medicinale en economische toepassingen van de planten in die tijd. Een ideale bron dus voor botanici of herboristen, maar ook interessant voor wie betrokken is bij de opmaak van een beheersplan, bij natuurinrichting of -heraanleg. Wie kiest voor streekeigen beplanting en verdwenen of bedreigde planten herintroduceert, draagt bij tot de SDG’s (Sustainable Development Goals), biodiversiteit en klimaat.

Wandeling Terug van weggeweest

In de UGent Plantentuin zijn lokaal verdwenen of bedreigde soorten terug opgekweekt: ze zijn ‘terug van weggeweest’ in Oost-Vlaanderen. Kom ze vanaf mei bewonderen tijdens een wandeling in de tuin.

De publicatie

Eind september wordt een rijk geïllustreerd boek verwacht over het herbarium, de verdwenen planten, en de landschappen waarin ze voorkwamen. Voorintekenen kan op erfgoed@oost-vlaanderen.be.

Alle info over het totale project vind je op www.oost-vlaanderen.be/florient

Provincie installeert de droogtemeters voor CurieuzeNeuzen in de Tuin

Op zaterdag 3 april 2021 starten de metingen van het grootschalig burgeronderzoek CurieuzeNeuzen in de Tuin. Op 5 000 locaties in Vlaanderen gaan die dag de slimme bodemsensoren de grond in, om een halfjaar lang live de hitte en droogte in heel Vlaanderen in kaart te brengen.

Provincie Oost-Vlaanderen neemt actief deel aan dit wetenschappelijk onderzoek van de Universiteit Antwerpen door 16 meetsondes te installeren in 11 verschillende bossen en domeinen.

Gedeputeerde Riet Gillis, bevoegd voor Klimaat, plaatste vrijdag 2 april de meetsonde in het Kloosterbos in Wachtebeke.

“Op dit moment is onze wetenschappelijke kennis van droogte- en hittestress in beheerde bodems zoals tuinen, parken, weides, akkers, … nog te beperkt. Daarom werkt de Provincie Oost-Vlaanderen graag mee aan dit grootschalig onderzoek naar droogte en hitte. De resultaten zullen ons verder in staat stellen de droogteresistentie van onze provincie te verhogen.”

gedeputeerde Riet Gillis, bevoegd voor Klimaat

16 meetsondes in 11 provinciale eigendommen

Om de effecten van steeds warmere en drogere zomers te meten, schakelt de Provincie zelf 11 provinciale eigendommen in. Deze gebieden zijn verspreid over het Oost-Vlaams grondgebied en hebben vaak een publieksgebonden en natuureducatieve functie. Het zijn:

  • de centra voor milieu- en natuureducatie: Bastion VIII in Dendermonde, Fabriek Energiek in Zelzate en De Kaaihoeve in Zwalm;
  • de provinciale bossen en recreatiedomeinen Het Leen in Eeklo, Het Kloosterbos en domein Puyenbroek in Wachtebeke, centrum De Boerekreek in Sint-Laureins, domein Nieuwdonk in Berlare, domein De Brielmeersen in Deinze en domein De Ster in Sint-Niklaas.

Dreigende droogte

Door de lage waterbeschikbaarheid is Oost-Vlaanderen, net als de rest van België, gevoelig aan droge periodes. Het evenwicht tussen de vraag naar water en het aanbod aan water is fragiel. Als er gedurende een zekere tijd geen of weinig neerslag valt, dreigt waterschaarste. Het provinciebestuur organiseerde op 16 maart 2021 een digitale inspiratiedag over het thema.
Klimaatscenario’s voorspellen een verandering van het neerslagpatroon voor de toekomst waarbij in de winter meer en in de zomer minder neerslag zal vallen. Zo wordt bijvoorbeeld voorspeld dat tegen 2100 de gemiddelde neerslag in de winter zal toenemen met 44% en in de zomer zal afnemen met 59%. Het aantal dagen zonder neerslag kan, afhankelijk van het klimaatscenario, tegen 2100 toenemen van 173 tot 236 dagen per jaar. Ook de duur van een extreme droogteperiode, zoals de droogte in de zomer van 2018, kan toenemen tot 135 dagen tegenover 34 dagen onder het huidige klimaat.

Deelname via het provinciaal klimaatfonds

De Provincie streeft naar een klimaatgezond Oost-Vlaanderen tegen 2040 en biedt als intermediair bestuur mee een antwoord op de groeiende klimaatuitdagingen. Daarom stopt het provinciebestuur een jaarlijks bedrag van 500 000 EUR in het provinciaal klimaatfonds. Dit bedrag dient voor klimaatprojecten die vanuit verschillende provinciale diensten worden geïnitieerd. Ook de deelname aan Curieuzeneuzen in de Tuin is vanuit dit klimaatfonds gefinancierd.

curieuzeneuzen.be

Klimaatgezonde tuin

Inspiratiedag over dreigende droogte en waardevol water

Inspiratiedag over dreigende droogte en waardevol water

 

Op 16 maart zonden we onder grote belangstelling de inspiratiedag ‘Over dreigende droogte en waardevol water’ live uit. Bijna 400 medewerkers van de Vlaamse administraties, provincies, gemeenten en sectororganisaties schreven zich in.

Wil je de opnames nog eens herbekijken of heb je een presentatie gemist? Je vindt ze hieronder of op onze website terug.

Provincie Oost-Vlaanderen strijdt proactief tegen droogte

De Provincie bindt de strijd aan met droogte via proactieve initiatieven die waterschaarste helpen voorkomen. Zo rolt de Provincie een meetnetwerk uit dat de waterpeilen van de Oost-Vlaamse beken continu opvolgt. Ze zet ook experimenten op voor alternatieve waterbronnen. Er wordt onderzocht of een deel van het water in de overstromingsgebieden kan ingezet worden als publieke waterreserve.

Ondanks de wateroverlast van afgelopen februari, is droogte nog steeds een prangend probleem en staat het hoog op de provinciale agenda. Verschillende klimaatscenario’s bevestigen dat lange periodes van droogte standaard zullen worden. Aanhoudende droogte wordt afgewisseld met extreme piekbuien die wateroverlast veroorzaken. De Provincie zet in op nieuwe maatregelen om waterschaarste te helpen voorkomen.

“Als er dit voorjaar even weinig neerslag valt als vorig jaar vrezen we opnieuw voor een kurkdroge zomer. Daarbij stapelt de impact van de afgelopen droogteperiodes zich op.  Als Provincie zetten we daarom sterk in op proactieve maatregelen die de balans tussen watervraag en wateraanbod op een structurele en duurzame manier in evenwicht brengen.”

gedeputeerde Leentje Grillaert, bevoegd voor Integraal waterbeleid

De Provincie Oost-Vlaanderen ondersteunt ook steden en gemeenten in de strijd tegen waterschaarste. In dat kader organiseerde de Provincie op 16 maart 2021 de eerste editie van de Inspiratiedag ‘Over dreigende droogte en waardevol water’ voor lokale besturen, studiebureaus en agentschappen. Met deze inspiratiedag wil de Provincie informatie verschaffen over allerlei acties tegen droogte en een dialoog aangaan over deze relatief nieuwe problematiek.

200 sensoren meten waterpeil

Momenteel rolt de Provincie een fijnmazig netwerk uit van 200 sensoren die het waterpeil op de Oost-Vlaamse beken continu meten en doorsturen. De sensoren zijn multiflexmeters, compacte sensoren die ontwikkeld zijn door het waterschap Scheldestromen in Nederland. Via een geluidssignaal meet de sensor elk kwartier het waterpeil en stuurt het meetresultaat in realtime door naar de Provincie. Deze gegevens, die ook voor iedere burger raadpleegbaar zullen zijn, zijn van groot belang voor de vormgeving van het waterbeleid en de organisatie van de proactieve acties. Daarnaast spelen de sensoren ook een belangrijke rol bij het opvolgen van wateroverlast.

Water sparen

De Provincie onderzoekt ook de mogelijkheid om gecontroleerde overstromingsgebieden deels herin te richten zodat landbouwers hieruit water kunnen onttrekken in de zomer, evenwel zonder de bescherming tegen wateroverlast te verminderen. Een belangrijk deel van de watervraag tijdens de zomer is namelijk afkomstig van de landbouwsector. Zij hebben het water voornamelijk nodig wanneer er weinig neerslag valt en hebben niet altijd voldoende met hun eigen hemelwaterreserves. In Kruisem wordt momenteel een overstromingsgebied omgebouwd tot een combinatie van een spaar- en bufferbekken. Zo zal het gebied water kunnen bergen om wateroverlast te voorkomen, maar tegelijk tijdens droge periodes het overtollig winterwater beschikbaar stellen aan de omwonende landbouwers.